direct naar inhoud van Artikel 12 Verkeer
Plan: Hogewoerd e.o.
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0546.BP00050-0202

Artikel 12 Verkeer

12.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a. voorzieningen voor het gemotoriseerd verkeer, openbaar vervoer en langzaam verkeer, zoals wegen voor doorgaand verkeer, openbaar vervoerstracés, voet- en fietspaden, trottoirs;

b. groenvoorzieningen;

c. water;

d. parkeerplaatsen;

e. terrassen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'terras'

f. binnen de bestemming passende bouwwerken, zoals bruggen en fietsenstallingen, abri's, telefooncellen, straatmeubilair en dergelijke;

g. leidingen;

h.nutsvoorzieningen;

i. boven - en ondergrondse inzamelpunten voor huishoudelijk afval t.w.gescheiden inzameling van papier, glas, kleding, blik, kunststof en huishoudelijk restafval.

12.2 Bouwregels
12.2.1 Gebouwen

Binnen deze bestemming mogen uitsluitend gebouwen van ondergeschikte aard ten dienste van deze bestemming worden gebouwd zoals een fietsenstalling, abri tot een grondoppervlak elk van maximaal 25 m2 en met een hoogte tot maximaal 4 m.

12.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Binnen deze bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 3 meter bedragen;
  • b. kunstobjecten en bouwwerken ten behoeve van verlichting, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer mogen maximaal 5 meter hoog zijn;
  • c. voor het bouwen van ondergrondse inzamelpunten als bedoeld in onder 12.1 onder h geldt dat de bouwdiepte niet meer dan 3 meter mag bedragen.

12.3 Nadere eisen

Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van:

  • a. een samenhangend straat en bebouwingsbeeld;
  • b. de verkeersveiligheid;
  • c. de milieusituatie;
  • d. de sociale veiligheid;
  • e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

12.4 Afwijking van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde onder 12.2.1 en toestaan dat een gebouw een grotere grondoppervlakte verkrijgt dan 25 m 2 per gebouw, voorzover dat ondergronds plaatsvindt tot een grondoppervlakte van maximaal 50 m2 per ondergronds gebouw, mits:geen onevenredige aantasting plaatsvindt van:

    • 1. het straat- en bebouwingsbeeld;
    • 2. de verkeersveiligheid;
    • 3. de sociale veiligheid;
    • 4. de milieusituatie;
    • 5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

12.5 Specifieke gebruiksregels
12.5.1 Algemeen

Het is verboden de in deze bestemming begrepen gronden en de daarop voorkomende opstallen te gebruiken of in gebruik te geven of te laten voor een doel of op een wijze strijdig met deze bestemming.

12.5.2 Aantal rijstroken

Het aantal rijstroken mag niet meer bedragen dan 2, met uitzondering van in-, uitvoegstroken, opstelstroken en openbaar vervoer tracés

12.5.3 Standplaatsen.

Standplaatsen voor kleine etenswaren, zoals ijs en snacks of vergelijkbare goederen gelden als bijbehorende voorzieningen binnen de bestemming verkeersdoeleinden, voorzover zij voor vergunningverlening op basis van de Algemeen Plaatselijke Verordening in aanmerking komen.

12.6 Afwijking van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 12.5.1, indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.