direct naar inhoud van Artikel 13 Algemene aanduidingsregels
Plan: Haagwegkwartier Noordwest
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0546.BP00034-0205

Artikel 13 Algemene aanduidingsregels

13.1 Vrijwaringszone - molenbiotoop
13.1.1 Bouwregels
  • a. De maximale bouwhoogte van bouwwerken op gronden die vallen binnen de cirkel met een straal van 100 m en ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone-molenbiotoop' mag niet hoger zijn dan de onderste punt van de wiek in verticale stand, zijnde 10,9 m;
  • b. De maximale bouwhoogte van bouwwerken op gronden die vallen binnen de cirkel van 400 m en ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone-molenbiotoop' mag niet hoger zijn dan 1/30 van de afstand tussen de bebouwing en het middelpunt van de molen vermeerderd met de hoogte van de onderste punt van de wiek in verticale stand, zijnde 10,9 m.
  • c. In afwijking van het gestelde onder a en b is één minaret toegestaan ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding van maximaal 20 m bouwhoogte binnen de bestemming 'maatschappelijk';

13.1.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen gebouw zijnde, of van werkzaamheden
  • a. Het is verboden op de gronden ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
    • 1. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties of apparatuur, voor zover het geen bouwwerken betreft;
    • 2. het ophogen van gronden;
    • 3. het beplanten met bomen, heesters en andere opgaande begroeiing.
  • b. Het in artikel 13.1.2 onder a. vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:
    • 1. het normale onderhoud betreffen overeenkomstig de bestemmingen van deze gronden, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn en/of voortvloeien uit het normale gebruik overeenkomstig de bestemming;
    • 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan.
  • c. De in artikel 13.1.2 onder a. genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien:
    • 1. er sprake is van een situatie waarin vrije windvang en het zicht op de molen al beperkt zijn door bebouwing, zolang de vrije windvang en het zicht op de molen niet verder worden beperkt, of
    • 2. zeker is gesteld dat de belemmering van de windvang en het zicht op de molen door maatregelen elders in de molenbeschermingszone worden gecompenseerd.

13.1.3 Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in artikel 13.1.1 teneinde hogere bebouwing toe te laten, mits daardoor de windvang, het functioneren en de zichtbaarheid van de molen niet in onevenredige mate wordt aangetast.

13.2 Vrijwaringszone - straalpad
13.2.1 Bouwregels

De hoogte van de bebouwing binnen de ''vrijwaringszone - straalpad' mag niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - straalpad' zijnde respectievelijk 30 of 35 meter.

13.2.2 Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in artikel 13.2.1 ten behoeve van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met grotere bouwhoogten dan aldaar voorgeschreven. Vooraf dient de beheerder van het straalverbindingstraject om advies gevraagd te worden.