direct naar inhoud van Artikel 8 Wonen
Plan: Haagwegkwartier Noordwest
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0546.BP00034-0205

Artikel 8 Wonen

8.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. wonen;
  • b. aan-huis-verbonden beroeps/bedrijfsactiviteiten;

met de daarbij behorende voorzieningen, zoals:

  • c. parkeervoorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'parkeren';
  • d. (ondergrondse) parkeervoorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'parkeergarage';
  • e. maatschappelijke doeleinden ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' voor zover het de begane grondlaag betreft;
  • f. wonen al dan niet in combinatie met zorg en/of begeleiding ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen-maatschappelijk';
  • g. hellingbaan dan wel inrit ten behoeve van een ondergrondse parkeergarage;
  • h. een onderdoorgang ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang';
  • i. tuinen, erven en verhardingen;
  • j. bermen en groenvoorzieningen;
  • k. speelruimte;
  • l. nutsvoorzieningen;
  • m. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen;
  • n. leidingen en overige bijbehorende voorzieningen;

met de daarbij behorende:

  • o. bouwwerken geen gebouwen zijnde;

8.2 Bouwregels
8.2.1 Bouwen binnen het bouwvlak

Voor het bouwen binnen het bouwvlak gelden de volgende bepalingen:

  • a. hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het aangeduide bouwvlak worden opgericht;
  • b. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd tenzij anders is aangegeven;
  • c. ter plaatse van een onderdoorgang mag op de begane grond tot een hoogte van 4,5 m geen bebouwing worden opgericht;
  • d. voorgevels van hoofdgebouwen dienen ter plaatse van de aanduiding 'gevellijn' worden gebouwd;
  • e. de bouwhoogte van gebouwen, overkappingen en bouwwerken geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte' is aangegeven;
  • f. in afwijking van het bepaalde onder e. mag de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer bedragen dan 2 m.
  • g. ter plaatse van de aanduiding 'parkeergarage' mag een (ondergrondse) parkeergarage worden opgericht;
  • h. de hoogte van de parkeergarage mag niet hoger zijn dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte', indien er geen maximale bouwhoogte is opgenomen is een maximale bouwhoogte van 1,5 m boven maaiveld toegestaan;
  • i. een parkeergarage mag uitsluitend op de onderste bouwlaag worden opgericht;
  • j. een parkeergarage mag ondergronds gebouwd worden, met een maximale diepte van 2 m onder peil;
  • k. dakterrassen zijn toegestaan op hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, mits deze zich bevinden op het dak van de begane grond en mits deze redelijkerwijs geen nadelige gevolgen hebben ten aanzien van de privacy en daglichttoetreding voor omwonenden;
  • l. balustrades ten behoeve van dakterrassen op hoofdgebouwenen bijbehorende bouwwerken, of balkons zijn toegestaan tot een hoogte van 1,20 m vanaf de vloer van het dakterras of balkon.
8.2.2 Bouwen buiten het bouwvlak

Voor bouwen buiten het bouwvlak gelden de volgende bepalingen:

  • a. gebouwen en overkappingen mogen buiten het bouwvlak uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'erf' worden gebouwd;
  • b. bijbehorende bouwwerken, die direct verbonden zijn met het hoofdgebouw, ter plaatse van de aanduiding 'erf', mogen het bouwvlak met niet meer dan 2,5 m overschrijden;
  • c. de bouwhoogte van aan het hoofdgebouw gebouwde bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 4 m, of 0,3 m boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw, al naar gelang welke maatstaf een lagere bouwhoogte toelaat;
  • d. de gronden met de aanduiding 'erf' mogen per bouwperceel voor maximaal 50% worden bebouwd;
  • e. de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen ter plaatse van de aanduiding 'erf' mag per bouwperceel niet meer bedragen dan 35m2;
  • f. de bouwhoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 m;
  • g. de bouwhoogte van erf- en terrasafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte voor erf- en terrasafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel van het gebouw binnen het bouwvlak niet meer mag bedragen dan 1m.
  • h. de bouwhoogte van een vlaggenmast mag niet meer bedragen dan 6 m, waarbij het aantal vlaggenmasten per perceel niet meer mag bedragen dan 1;
  • i. Vrijstaande reclameborden c.q. reclamezuilen mogen uitsluitend ten behoeve van aan-huis-verbonden beroeps-/bedrijfsactiviteiten worden gebouwd, met dien verstande dat:
    • 1. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 1,50 m;
    • 2. de breedte mag niet meer bedragen dan 0,40m;
    • 3. de oppervlakte mag niet meer bedragen dan 0,50m2;
    • 4. het aantal reclameborden c.q. recalemzuilen mag per bouwperceel niet meer bedragen dan 1;
  • j. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m.

8.3 Specifieke gebruiksregels
  • 1. Binnen de bestemming 'Wonen' is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroeps-/bedrijfsactiviteit toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn:
    • a. de omvang van de activiteiten mag in totaal niet meer bedragen dan 40% van de totale vloeroppervlakte van de bebouwing, voor zover gesitueerd binnen het bouwvlak.
    • b. de activiteiten mogen alleen in de gebouwen (binnen en buiten het bouwvlak) worden uitgeoefend.
    • c. het gebruik mag geen onevenredige verkeersaantrekkende werking heben.
    • d. de activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving waarbij geldt dat deze is genoemd in de Staat van Bedrijfsactiviteiten –aan-huis-verbonden beroeps-/bedrijfsactiviteiten.
  • 2. Binnen de bestemming Wonen mag uitsluitend buiten het bouwvlak en buiten de aanduiding 'erf' geparkeerd worden, met uitzondering van het bouwvlak aangeduid met 'parkeergarage' of 'parkeren'.

8.4 Afwijken van de bouwregels
8.4.1 Afwijkingen

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in:

  • a. lid 8.2.1. onder d. voor het bouwen van een voorgevel achter de voorgevelrooilijn, met dien verstande dat de afstand tussen de voorgevel en de voorgevelrooilijn niet meer mag bedragen dan 2 m.
  • b. lid 8.2.2. onder a. voor het bouwen van een gebouw op gronden zonder de aanduiding 'erf', met dien verstande dat:
  • 1. per bouwperceel niet meer dan één gebouw mag worden opgericht;
  • 2. de oppervlakte niet meer bedraagt dan 4 m2;
  • 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 2 m.

c. lid 8.2.1 onder k. voor het bouwen van een dakterras op gebouwen buiten het bouwvlak, en bouwwerken geen gebouwen zijnde, met dien verstande dat:

  • 1. dit uitsluitend is toegestaan voor gebouwen aansluitend aan een gebouw binnen een bouwvlak;
  • 2. de bouwhoogte van een balustrade op een dakterras niet meer mag bedragen dan 1,20 m vanaf de bovenkant vloer dakterras.

8.4.2 Algemene criteria afwijkingen

Een omgevingsvergunning kan worden verleend mits:

a. dit aanvaardbaar is binnen de stedenbouwkundige structuur en karakteristiek van de omgeving;

b. de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad.

8.5 Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.3.1 onder d. voor het toestaan van een aan-huis-verbonden beroeps-/bedrijfsactiviteit die niet voorkomt in de Staat van bedrijfsactiviteiten aan-huis-verbonden beroeps-/bedrijfsactiviteiten, mits de activiteit naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen is met de toegelaten milieucategorie.